NATASJA EXEL



overbuurmeisje (37): droom

Goede Vrijdag 2023. Denk trouwens niet dat Jezus zou zeggen ‘nou jongens, dat was me nog eens een goede dag. Volgend jaar weer’.
 Maar die moordpartij terzijde, je ziet het goed: na 16 februari 2022 waren er geen berichten meer. Of misschien wel, maar Henkusma en ik hebben ze niet gevonden en geloof me, we hebben gezocht.

Bericht 34. – uit een aantekenboekje dat Henk vond in mijn werkkamer. Het staat vol met stukjes tekst. Lijkt een verhaal. Nogal creepy. Over een ketelhuis op de campus van Utrecht. Ik laat het aan Henk zien. ‘Kanonne,’ is blijkbaar zijn enige reactie. ‘Nee, ketelhuis,’ zeg ik. ‘Ka…,’ ik hef een vinger op en hij klapt zijn bek dicht. Dan grist hij snel het boekje uit mijn hand. Dus…

Nadat ik het boekje heb losgejenst van zijn gebit is dit waarschijnlijk het laatste aan het relaas gerelateerde bericht. We waren even verbaasd toen we de datum zagen. Het is van gisteren. Ik moet dit dus vannacht geschreven hebben.

 Vergeef me, want ondanks mijn betrekkelijke helderheid: ik weet steeds vaker niet wat ik deed.

06-04-2023


D R O O M

Zonder ze echt te proeven, of op te kauwen, steek ik het ene na het andere mini zandkoekje in mijn mond, laat ze op mijn tong uiteen vallen en slik ze door terwijl ik naar haar luister. Daar waar een ander met ‘ingehouden adem’ of ‘ademloos’ zou luisteren, doe ik meer aan ‘consumptief’ luisteren. En daar waar ik normaal gesproken ‘selectief’ luister, neemt nu mijn hele gehoorsysteem plus aanverwante hersenkwabben volledig deel. Ik ben gek op verhalen. En suiker.

Ze zit tegenover me in de witleren designstoel, spert haar muil open en neemt een hap uit het midden van een red velvet cupcake. Ik kan niets anders zien dan dat ze een stuk trekt van een of ander orgaan. Roodkleurige kruimels blijven hangen in haar witte haar en verspreiden zich over haar zo mogelijk nog wittere japon als druppels bloed. Ze houdt op met praten, slikt en kijkt me aan, houdt even haar hoofd schuin alsof ze mijn gedachten hoort, maar gaat dan verder.

Met eten. Zij pakt een mini sandwich, ik drie bonbons en beide kijken we, al kauwend naar ‘onze’ hellehond, Henk. Henk die zich uitrekt en zijn bek openspert in een hartstochtelijke gaap waarbij zijn oren plat naar achteren getrokken worden en hij op een ruigharige zeehond lijkt.

‘Aahww’, zeggen we tegelijkertijd.


***


00:04 uur
Badend in het zweet wordt ik wakker en staar recht in een zwart gat dat boven mijn bed hangt en de werkelijkheid naar binnen zuigt. De aantrekkingskracht naar het midden ervan houdt ook mij in haar greep en ik begin los te komen van het bed. Dan hoor ik nagels op de houten vloer. Ze stoppen vlakbij en ik val terug. Henk staat naast mijn hoofdeind en wenkt me met een beweging van zijn kop.
 Ik leun naar mijn andere zijde. Daar lig jij. In mijn borst een kleine explosie. We laten je slapen, ook al is het tijd om op te staan. Je ziet er zo vredig (en veilig buiten bewustzijn) uit en ik kus je steenkoude wang voordat ik mijn benen uit bed zwiep en op mijn tenen Henk volg naar beneden. Dit is onze tijd.
 Even later staan we buiten en ruist heerlijk frisse nachtlucht door mijn nachthemd en rolt het droomzweet in kristallen van me af. Ik spreid mijn armen, draai rond en sla mijn vleugels uit terwijl Henk soepel via de muur over het metalen hekwerk aan de overkant de steeg inspringt. Ragfijne stof danst rond mijn lijf. De kat van de overburen gilt en zijn boeman lacht in mijn hoofd. Kom je? vraag ik hem. Lichtblond haar waait over mijn schouders en golft achter ons aan terwijl Henk zijn wolfsdrafje inzet en ik naast hem zweef op ons rondje langs de gracht.

Hij kijkt naar me op.
Ik knik naar hem, want ja, ik lust ook wel wat.